Gehackte batik, amorfe "knuffels" en creatieve onrust: drie jonge kunstenaars

Rosa Maria van den Hove, Afra Eisma en Steef Crombach zijn jonge autonome beeldend kunstenaars met een heel vrije omgang met textiel. “Het moet allemaal niet te ‘designy’ worden.” Drie signalementen.

Tekst: Chris Reinewald

Rosa Maria van den Hove

Tot op het laatste moment weet Rosa Maria van den Hove (1990) niet wat “het” gaat worden waaraan ze werkt. Voor haar textielobjecten, fleece met synthetisch vulsel, maakt ze geen patronen, hoogstens miniaturen. Ze werkt vanuit het materiaal, vanuit de ontstaande vormen én de “fouten” die ze maakt.

Zachte knuffels

Zo groeien amorfe objecten en vormen samen een installatie. Of een speelkamer met abstracte knuffelobjecten, die niets liever dan aangeraakt of omarmd lijken te willen worden. Hebben ze een therapeutische functie? “Vooral voor mij,” lacht Rosa Maria. “Ik werk graag met zachte texturen. Alsof je weer een kind ben en met je zachte knuffels speelt.” In de zomer van 2018 studeerde ze af aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht: Fine Arts, geen specifieke textielopleiding dus.

Invloed

Als je wilt, kun je in haar textielobjecten overeenkomsten zien met de letterlijk soft-erotische sculpturen van Ferdi Tajiri (1927-1969) of de slappe (wand)objecten van Richard Tuttle (1941). Rosa Maria kent hun werk, maar een grote invloed lijken ze niet. “Ik ben maar net bezig de mogelijkheden van textiel te ontdekken. Daarom wil ik ook zeker nog eens praten met het TextielLab in Tilburg over wat ik daar zou kunnen maken.”

> Naar de website van Rosa Maria van den Hove

Afra Eisma

Op Art Rotterdam pakte Afra Eisma (1993) uit met een installatie waarmee ze dwars door alle media en technieken denderde. Heerlijke creatieve onrust. Meest imposant zijn haar handgetufte wandkleden die in 2018 genomineerd werden voor de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst. “Die relatie met het schilderen zie ik wel, maar ik beschouw ze toch als wandkleden. Mijn kleden mogen trouwens ook een soort decorstuk in een installatie zijn. Daarom laat ik aan een kleed, als het af is, een grijze rand zitten: van de drager. Zo zie je nog hoe het gemaakt is. Het moet niet te ‘designy’ worden.”

Tuftpistool

Waarom ze textiel en geen verf gebruikt? “Bij textiel heb je veel intensere kleuren. En ik houd van het tactiele. In dat witte kleed werkte ik eerst met grote lussen, nu maak ik ze korter.” Met een tuftpistool schiet Afra verticale draden door de drager, vanaf de achterkant. “Arbeidsintensief, maar zo wil ik het: doe-het-zelverig. Tussendoor loop ik naar voren om te zien hoe de draden eruit komen. Dan voeg ik kleine tekeningen toe, die er, wat verborgen, uit tevoorschijn komen. Zoals prehistorische rotstekeningen, maar dan gebaseerd op tekeningetjes uit mijn leven. Dat laatst mijn verstandskiezen getrokken zijn, bijvoorbeeld.”

> Naar de website van Afra Eisma

Steef Crombach

“Als mensen bij mijn werk lezen dat ik batik maak, verliezen ze vaak hun belangstelling,” stelt Steef Crombach (1992) vast. “Het past het niet in onze kijkgewoontes om iets ambachtelijks te waarderen. Bij batik denken ze aan Nederlands-Indië, kolonialisme, iets ambachtelijks van vroeger.” Maar dat veranderde nadat haar kleurige, decoratieve batikdoek in 2017 werd geselecteerd voor de prestigieuze Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst. Het lijkt erop dat de jury de spannende, abstracte popart-compositie waardeerde. Niet omdat het gemaakt werd in een beproefde textieltechniek.

Vetvlekkenpatroon

Crombach stuitte overigens niet via Indonesië op batik. Tijdens een werkverblijf in Austin, Texas wilde zij een bacon-vlag met vetvlekkenpatroon maken. Ze bedacht dat je daarvoor het beste was kon gebruiken. Eerst probeerde ze soja, maar bijenwas bleek beter geschikt. Die goot ze met een tekenpen in een patroon over het katoen uit. In het ontstane patroon verfde ze de vlakken met textielverf. Ten slotte spoelde ze de bijenwas eruit. In een beperkt aantal stappen ontstond zo een breed kleurspectrum. De doeken kun je in de ruimte ophangen om van beide kanten te bekijken. Dus niet alleen voor aan de muur. Crombach hoeft niet zo nodig batik opnieuw te introduceren, daarom noemt ze haar techniek “hacked batik”.

> Naar de website van Steef Crombach


Meer

Nicole Pyles weeft in geheimschrift over medische misère
Meg Roberts Arsenovic processes Virginia history in colorful faux fur
ZIJDAR Natural Silk opent ZIJDE-Museum in Heemskerk
Judy Hooymeyer toont beladen totem op Textiel Triënnale in Lodz
0 items | € 0

Wil je elke donderdag per mail een artikel over textielkunst ontvangen?

Nieuwsbrief